Gekocht

Vanochtend moest ik met de poezen naar de dierenarts. We zijn inmiddels ingeschreven bij de praktijk die een hondertal meters verderop ligt in de straat waar we over enkele maanden zelf willen gaan wonen. Vorige week hebben we een eerste aanbetaling gedaan. Het was daarom extra leuk om langs ons toekomstige huis te rijden en te constateren dat het ‘Te koop’ bord is aangepast. Er kan nog een hoop gebeuren want tenslotte hebben we nog geen hypotheek afgesloten of ons eigen huis te koop gezet, maar er is weer een belangrijke stap gezet.

gekocht

26. augustus 2016 by Peter Pellenaars
Categories: Persoonlijk | 1 comment

Zonder weet je wel

We waren druk bezig geweest vandaag en hadden geen tijd/zin meer om te koken. Na langdurig overleg viel de keus op iets van de chinees. Ook op mij om het te gaan afhalen. Bij de balie kreeg ik nummertje twaalf. De eerste persoon die mocht opdraven om zijn bestelling mee te nemen was nummertje zeven. Daarna volgde dertig en zestien. Er waren toen nog zo’n vijf mensen over die zich ook heimelijk afvroegen welk mystiek oosters systeem hier toegepast werd. Twee ervan voerden een geanimeerd gesprek waaruit zou kunnen blijken dat ze elkaar al jaren kenden. Elke zin eindigde met ‘weet je wel’ of een variant erop. Automatisch begon ik te tellen. Toen ik aan de beurt was was ik de tel allang kwijtgeraakt. ‘Sambal erbij?’ was de standaardvraag en voor ik het wist grapte ik ‘Ja, maar zonder weet je wel’. Na een lichte aarzeling werd alsnog een klein plastic zakje mee ingepakt. Snel verliet ik de zaak.

19. augustus 2016 by Peter Pellenaars
Categories: Persoonlijk | 1 comment

Vakantieliefde op Aicha Qandisha

vakantieliefde

Mijn gezicht diep in haar haren begraven. Het hare drukt in het kussen. Ik adem haar geur. Van onschuld. Van lente.

Ik pak haar bij de schouders en duw mezelf omhoog. Dieper in haar. Maak lome bewegingen vanuit de heupen. Bewust langzaam om de climax uit te stellen. Wat niet lang meer zal lukken.

Opnieuw beweeg ik me vooruit, buig voorover en lik haar hals. Omvat haar middel. Blijf stil liggen. Kijk naar haar gezicht op het kussen. Ze ligt op een wang en heeft haar ogen dicht. Op haar bovenlip zijn zweetdruppeltjes zichtbaar. Het kussen is nat bij haar mond. Speeksel.

De ochtendzon schijnt binnen door de openstaande balkondeuren. Beneden ons appartement is het zwembad. Het is de eerste dag van onze vakantie. De kinderen hebben we alvast vooruit gestuurd om een plekje uit te zoeken. Hopelijk blijven ze nog even weg.

Stukje geluk
Geraffineerd begint ze haar spieren te spannen. De druk wordt opgevoerd. Om dan weer even te ontspannen. Ik wil me terugtrekken maar dat is voor haar het teken om de spanning weer op te voeren. Snuivend haal ik adem door mijn neus. Ik weet dat het een kwestie van tijd is nu. Een verloren zaak. Vanuit een onbekende plek voel ik het komen aanstormen. De controle over mijn lichaam raak ik kwijt. Mijn greep om haar lichaam wordt steviger. Haar spieren hebben geen grip meer op mij. Het ritme is overgenomen. Ik pak haar bij het haar en trek haar hoofd achterover. Stoot nog enkele keren. Kramp schiet in mijn bovenbenen.

“Karin”, kreun ik en laat me gaan.

Als het trillende gevoel uit mijn benen is verdwenen duw ik me van haar af en rol om naar de andere kant van het bed. Hijgend lig ik op mijn rug. Pas nu begin ik te zweten. Uit ervaring weet ik dat mijn hoofd inmiddels rood aangelopen is.

Ik tast naar haar hand en knijp er in. Ze knijpt terug. Zo blijven we liggen. Hand in hand. Allebei in ons stukje geluk. Het voelt goed.
Totdat ze begint te praten.

Wat?
“Wat zei je eigenlijk?”
“Wanneer?”
“Zojuist.”
“Zojuist?”
“Ja, zojuist. Vlak voordat je klaarkwam.”
“Zei ik toen iets?”
“Ja.”
“Wat dan?”
“Dat vraag ik je.”
“Ik weet het niet. Kan me het niet herinneren. Goh, wat zegt een man als hij klaarkomt?”
“De naam van zijn liefje?”

“Of van zijn minnares?”
“Doe niet zo gek.”
“Ik doe niet gek. Je zei iets.”
“Nou ja, het kan toch van alles zijn. Weet ik veel wat ik allemaal zeg als ik klaarkom.”
“Dat weet ik wel. Niet veel. Meestal zucht en kreun je alleen maar. Je bent niet zo’n prater in bed.”

“Maar ik vond het wel lekker hoor, schatje. En nu ga ik snel douchen voordat de kinderen terugkomen van het zwembad.”

Ze stapt uit bed en houdt daarbij één hand tussen haar benen. Loopt ietwat onhandig naar de deur. Ik moet lachen. Ze draait zich om en kijkt me vragend aan.

“Waar lach je om?”
“Om jou. Hoe je loopt. Je schuifelt als een pinguïn.”
Ze begint nu ook te lachen.
“Kom je ook?”, vraagt ze nog als ze de slaapkamer uitloopt.
Ik blijf liggen en vraag me af of ik echt ‘Karin’ heb gezegd.

“Waar blijf je nou?”, hoor ik mijn vrouw vanuit de badkamer roepen.

Karin
Ze had er weergaloos uitgezien in haar avondkleding. Een stralende ster. Alle schroom was van me afgevallen toen ik haar iets te drinken aanbood. Het was de eerste avond van onze vakantie. Mijn vrouw was moe van de reis en tegelijk met de kinderen gaan slapen. Ik besloot nog wat te gaan drinken in de hotelbar. Haar naam was Karin. De gang naar de dansvloer had aangevoeld alsof ik haar een aanzoek deed. Het dansen zelf was van een intimiteit zoals ik niet eerder had meegemaakt.

Haar vochtige lippen tegen mijn wang. Op weg naar mijn mond. Ik open mij voor haar. Het puntje van haar tong krult zich onder die van mij. Een wolkje warme adem zweeft naar binnen. Doet me ter plekke verliefd worden.

Een laatste aarzeling voordat ik volg naar haar kamer. Daarna gaat het snel. Resoluut duw ik haar achterover op het bed. Het jurkje spant zich strak over haar lijf. Ik buig en pak beide handen. Leg ze boven haar hoofd. Wanneer ik langs haar wang strijk, draait ze zich en zuigt mijn duim diep naar binnen. Onderwijl blijft ze me aankijken.

Verleidelijker aanmoediging is niet denkbaar. Ik buig verder voorover, pak haar borst vast en begin door de dunne stof van het jurkje op haar tepel te ademen. De warme lucht doet haar groeien en kreunen. Ze tilt haar billen ietwat omhoog zodat ik het jurkje omhoog kan schuiven. Het slipje stroop ik omlaag. Ik leg mijn hand tussen haar benen. Natte warmte. Haar ademhaling versnelt. Verder schuif ik het dunne textiel omhoog en ontbloot zo haar buik. Daarna haar borsten. Kus haar navel.

Kleed mijzelf uit.

Ga naast haar liggen en pak haar hand vast. Ik draai opzij en

stap de douchecabine in.

Ze is bezig haar haren te wassen met shampoo. Ik neem het van haar over en begin zacht haar hoofdhuid te masseren.
“Ik kom klaar in je.”
“Wat?”
“Dat is wat ik zei. ‘Ik kom klaar in je’. Dat is wat je gehoord hebt.”

Voordat ze nog iets kan zeggen richt ik de douchestraal op haar hoofd. Proestend begint ze zich van me weg te duwen op zoek naar een handdoek.

~ ~ ~

Nu de zomerse verhalenwedstrijd op Aicha Qandisha is afgelopen (de uitslag is op dit moment nog niet bekend) dacht ik dat het geen kwaad kon om mijn inzending ook hier te plaatsen.

18. augustus 2016 by Peter Pellenaars
Categories: Fictief | 1 comment

Sterfhuiskantoor

leegkantoor

Weer of geen mooi vakantieweer wij blijven volop bezig met allerlei activiteiten rondom de verhuizing. Ondertussen hebben we onze gehuurde opslagruimte helemaal volgestouwd met spullen die we vorlopig toch niet nodig hebben en werd het tijd om dat door te geven aan de verzekering. We zouden anders dubbel premie betalen en dat is een beetje zonde van het geld.

Gelukkig waren we zo slim geweest (of was het puur geluk) dat we de papieren van de inboedelverzekering nog niet opgeslagen hadden dus na enig zoekwerk had ik het juiste telefoonnummer te pakken. Na het verplichte keuzemenu kwam ik uit bij een oubollig deuntje in afwachting van wat komen zou. In eerste instantie niet veel. Geen melding van welke plaats ik in de virtuele wachtrij had of anderszins nuttige informatie over hoelang ik nog aan de lijn moest blijven voordat ik geholpen zou worden.

Ik besloot opnieuw te bellen. Met hetzelfde resultaat. In de papieren die ik ondertussen aan het doorbladeren was kon ik opmaken dat de oorspronkelijke verzekeraar inmiddels al tig keer was overgenomen in steeds grotere firma’s. Laatste stand van zaken was dat ze nu behoorden tot Ohra, hier bij ons om de hoek. Misschien kon ik er beter naar toe wandelen. Net toen ik de verbinding voor de tweede keer wilde verbreken werd er opgenomen.

Een vrouwenstem stelde zich voor en vroeg hoe zij mij van dienst kon zijn. Het klonk alsof ze in een verlaten kelderbox gehuisvest was. Misschien sprak ik wel met de laatst overgebleven medewerkster van de ooit zelfstandige verzekeraar. Daar neergezet om de weinige klanten die nog over waren te woord te staan.

Na mijn uitleg waarvoor ik belde vroeg ze om het polisnummer. Ik las het voor. Het bleef stil aan de andere kant. In mijn fantasie zag ik haar tussen de halflege archiefkasten lopen in een duistere kantoorruimte waar geen buitenlicht doordrong. Knipperend licht van een defecte tl-lamp maakte het zoeken extra moeilijk.

Plots klonk haar stem weer. Ze had de benodigde informatie gevonden. Maar het viel niet mee, want sjonge sjonge, wat was dit een oude polis! Helemaal uit 1981 voegde ze er vol bewondering aan toe. Ik kreeg de indruk dat het ruimschoots voor haar geboortejaar was.

Het was trouwens geen goed nieuws, dat het zo’n oude polis was. De voorwaarden waren namelijk flink verouderd en niet helemaal meer van deze tijd. Uiteindelijk was het beter om de verzekeringspremie te blijven betalen bij het opslagbedrijf. Die had betere dekking en betaalde meer uit in geval van calamiteiten.

Dan is het misschien ook wel verstandig om na de verhuizing een compleet nieuwe inboedelverzekering af te sluiten, vroeg ik haar. Daar was ze het mee eens. Helaas kan dat niet meer bij ons, zo voegde ze er vrolijk aan toe. Wij houden ons alleen nog maar bezig met het bestaande klantenbestand. Voor het afsluiten van nieuwe verzekeringen moet u bij het moederbedrijf zijn.

Met een welgemeende groet nam ik afscheid en hoopte dat ze nog lang vrolijk mocht blijven in de sterfhuisconstructie die haar werkplek was.

 

17. augustus 2016 by Peter Pellenaars
Categories: Persoonlijk | Leave a comment

Rondje baseline

rondje20160816b

Wellicht dat vier uur aan een stuk hakken, kloven en zagen iets te veel van het goede was als voorbereiding, in ieder geval lukte het me gisteravond niet om de vijf kilometer in gemiddeld 5 min/km te lopen. Het kan ook zijn dat de strakke wind me parten heeft gespeeld. Niet dat het allemaal veel uitmaakt. De eindtijd is een vaststaand gegeven waar ik het mee moet. Voor het intervalschema dat ik de komende weken ga volgen vormt het mijn zogenaamde ‘baseline’, oftewel een eerste meetpunt waartegen ik latere vijf kilometers kan afzetten om te zien of er vorderingen zijn gemaakt.

Wat me opvalt is de voor mijn doen lage hartslag. In het begin een stuk hoger vanwege de tegenwind maar zelfs dan nog steeds lager dan wat ik normaal gesproken zie. Ik ben even teruggaan door de historie van mijn sport-app en zie inderdaad een structurele daling van een gemiddelde boven de 160 naar nu dus onder de 140 bpm. Dat schept vertrouwen voor de toekomst.

Nog even terug naar dat hakken en zagen. Voor wie het niet weet, het zijn onderdelen die ook op het programma kunnen staan bij een survivalrun. Loop je als recreant dan komt het zelden voor (alleen in Zeist heb ik een keer moeten zagen), maar het kan zijn nu ik een wedstrijdlicentie heb voor de korte afstand (nieuwe benaming voor wat voorheen de BSC was) dat de kans groter wordt dat ik het tegenkom. Ik heb me daarom een hakbijl aangeschaft en ben gister meteen begonnen dat gereedschap goed uit te testen. Oefening baart kunst en hout ligt er nog genoeg.

hakbijl1 hakbijl2

16. augustus 2016 by Peter Pellenaars
Categories: Persoonlijk | Leave a comment

← Older posts