Een gezonde, volwassen hond van 20 kilo kan bij min 5 graden gewoon naar buiten, maar houd de wandeling dan het best op 20 tot 30 minuten per keer als het droog en windstil is. Is het ook nog nat of waait het hard, dan voelt het kouder aan en kort je de wandeling in tot een kwartier. Dit zijn richtlijnen: een hond met een dikke winterdos, zoals een husky of Duitse herder, houdt het langer vol dan een kortharige labrador of een hond met weinig ondervacht.
Waar het van afhangt
Voor honden telt niet alleen de luchttemperatuur. Wind, vocht, leeftijd en conditie bepalen hoe snel je hond afkoelt. Een puppy, een oudere hond en een hond met gewrichtsklachten verliezen sneller warmte en krijgen sneller last van stijve spieren. Bij een hond met een korte vacht en weinig vet is een dun jasje bij min 5 graden zinvol. Een hond die door beweging warm blijft, zoals bij een rennende of spelende hond, kan er meestal langer tegen dan een hond die rustig aan de lijn snuffelt.
Let op signalen. Gaat je hond trillen, tilt hij steeds een pootje op, loopt hij met zijn staart tussen zijn benen of wil hij terug naar huis? Dan is het tijd om om te keren. Wacht niet tot hij het zelf aangeeft, want veel honden lopen uit enthousiasme door.
Zorg voor de poten
De poten zijn het kwetsbaarste deel. Ijs en bevroren grond zijn scherp en strooizout irriteert de zachte voetzolen. Spoel de poten na de wandeling af met lauw water en droog ze goed, zeker tussen de tenen. Smeer er zo nodig een beschermende potenbalsem op voordat je naar buiten gaat. Sneeuw kan zich tussen de haren vastzetten en tot ijsklompjes leiden. Knip bij langharige honden de haren tussen de ballen iets korter.
- Spoel strooizout direct af, want likken kan maagklachten geven.
- Vermijd bevroren plassen en ijs bij open water.
- Draag bij schemer een lampje of reflectieband aan de halsband.
Slim indelen over de dag
Bij vorst loont het om meerdere korte rondjes te maken in plaats van één lange. Loop bijvoorbeeld drie keer 20 minuten, met de langste ronde op het warmste moment van de dag, vaak rond de middag. Bij vorst van min 10 graden of lager kort je alles verder in en blijf je dichtbij huis. Een hond van 20 kilo verbruikt in de kou iets meer energie, dus een beetje extra voer is niet gek wanneer hij veel buiten is. Zorg wel dat hij na de wandeling een droge, warme plek heeft om uit te rusten.
Kom je na een wandeling thuis, droog dan ook de vacht met een handdoek, vooral aan de buik en de pootjes. Een natte vacht houdt de kou vast en een hond die nat in zijn mand gaat liggen, koelt langzaam af. Vermijd een plek vlak naast de verwarming, want een te snelle overgang van koud naar heet is ook niet prettig. Een dekentje in de mand maakt het meteen een stuk comfortabeler, zeker voor oudere honden die stijf zijn van de kou.