Menu

Peter Pellenaars

vrijetijdsblogger

Open-deur policy

Bij de post een ongea­dres­seer­de brief van de gemeen­te Lin­ge­waard waar­bij het onder­werp is leeg­ge­la­ten. Nor­maal gooi ik die altijd met­een onge­le­zen weg. Deze keer niet. Nieuws­gie­rig­heid wint het van des­in­te­res­se.

De aan­hef is als volgt:

Bes­te bewoner/gebruiker,

Gebrui­ker? Van wat? In de tuin heb­ben we een plant gevon­den die ver­dacht veel lijkt op een hen­nep­plant. Mis­schien dat dit adres bekend staat als een notoi­re hen­nep­kwe­ke­rij en dat de vori­ge bewo­ners zelf ook niet genoeg kon­den krij­gen van hun koop­waar. Maar om ons over dezelf­de kam te sche­ren...

Afijn, laten we ver­der lezen.

Er komt een land­me­ter bij u langs om uw gebouw op te meten.

Goh, een land­me­ter zelfs. Dan heb­ben ze hoge ver­wach­tin­gen van de omvang van ons huis.

Dit is nodig om onze topo­gra­fi­sche kaart bij te wer­ken.

Nu klopt het dat we bij de ver­bou­wing een stuk heb­ben uit­ge­breid. Dus het kan dat ze daar­om de nieu­we maten wil­len opne­men. Maar waar­om was de brief dan niet spe­ci­fiek aan ons gericht. Op deze manier lijkt het als­of ze over­al in de buurt gaan meten om de topo­gra­fi­sche kaart actu­eel te hou­den. Wel vreemd als je het mij vraagt. De afme­tin­gen van een huis ver­an­de­ren toch niet zomaar uit zich­zelf?1

Het bureau ... uit ... gaat dit doen voor de gemeen­te Lin­ge­waard in de komen­de weken.

In de komen­de weken. Kan het nog vager? Wat ver­wach­ten ze nu? Dat we de komen­de weken het huis beter niet ver­la­ten omdat de land­me­ter zomaar ineens voor de deur kan staan?

Het is nodig dat de land­me­ter voor de metin­gen in uw tuin komt.

Ik bedoel, dat de land­me­ter zomaar ineens in de tuin kan staan?

In de woning hoeft niet geme­ten te wor­den.

Ha, het is wel dui­de­lijk dat nie­mand bij de gemeen­te Lin­ge­waard het boek waar ik zojuist in een noot naar refe­reer­de gele­zen heeft2. Dan had­den ze wel gewe­ten dat met alleen de metin­gen aan de bui­ten­kant er geen zin­nig woord gezegd kan wor­den over de inhoud van het huis zelf. Niet dat ik ze daar op ga wij­zen. Laat ze maar in hun zali­ge onwe­tend­heid.

Het zal niet veel tijd kos­ten en uw bezit niet bescha­di­gen.

Bui­ten het feit dat ze geen enke­le indi­ca­tie geven wan­neer ze in de komen­de weken langs­ko­men en wij al die tijd aan huis gebon­den zijn, zal het niet veel tijd kos­ten. Uhuh, tuur­lijk. We waren ver­der toch niet plan om iets anders te gaan doen.

Geluk­kig wordt dat ruim­schoots gecom­pen­seerd omdat ze ons bezit niet zul­len bescha­di­gen. Jip­pie! Wat fijn. Ik dank de gemeen­te Lin­ge­waard op mijn blo­te knie­ën dat ze niet een agres­sie­ve niets­ont­zien­de land­me­ter ons erf opstu­ren die met z'n gro­te meet­lat alles en ieder­een omver kegelt en na geda­ne zaken een spoor van ver­nie­ling ach­ter­laat. Wat een inle­vings­ver­mo­gen van de betref­fen­de amb­te­naar. Een onder­schei­ding waard wat mij betreft.

Maar we zijn er nog niet.

Wij vra­gen uw hulp om deze toe­gang te geven zon­der dat zij zich hier­voor voor­af bij u heb­ben gemeld.

Huh, wat staat er nou pre­cies? Nog een keer.

Wij vra­gen uw hulp

om deze toe­gang te geven

zon­der dat zij

zich hier­voor voor­af bij u heb­ben gemeld.

Om deze wat toe­gang te geven? We had­den het tot nu toe toch gewoon over een land­me­ter? Een­tje die onaan­ge­kon­digd ergens in de komen­de weken van­uit de tuin zon­der ons bezit te bescha­di­gen ons gebouw komt opme­ten. Toch?

En waar­om gaat het ver­vol­gens ver­der met 'zij zich heb­ben gemeld'? Dat impli­ceert meer­voud. Dat er een hor­de land­me­ters onze tuin gaat bevol­ken om ieder voor zich een meter voor hun reke­ning te nemen. Vra­gen ze daar­om onze hulp? Dat we de tuin hele­maal leeg­ha­len zodat al die land­me­ters goed bij hun eigen stuk­je kun­nen komen? Ja, dan is het geen won­der dat ze ons bezit niet zul­len bescha­di­gen.

De wet basis­re­gi­stra­tie adres­sen en gebou­wen (BAG) geeft de gemeen­te toe­gang vol­gens arti­kel 8.

Ik heb het voor de zeker­heid opge­zocht en wie zin heeft kan het hier­on­der in noot3 zelf nale­zen. Wat ik eruit con­clu­deer is inder­daad dat de landmeter(s?) namens de gemeen­te bij onze woning moet kun­nen om het huis op te meten.

Dat bete­kent in de prak­tijk dat we de komen­de weken de poort open moet laten staan, want natuur­lijk zijn we niet in de gele­gen­heid om al die tijd aan huis te blij­ven wach­ten tot­dat de landmeter(s?) verschijnt/verschijnen. Zou dat de bedoe­ling zijn? Ik kan het me haast niet voor­stel­len, want dan kan Jan en Alle­man een bezoek­je bren­gen. Zeker nu ieder­een in de buurt zo'n brief heeft gekre­gen lijkt het me geen goed idee. Als dat ter ore komt bij per­so­nen met min­der goe­de bedoe­lin­gen dan kun­nen die de komen­de weken onge­stoord hun gang gaan. Mocht het inder­daad zo ver komen dan zal de ver­ze­ke­ring waar­schijn­lijk niet tot uit­be­ta­ling over­gaan als ze ont­dek­ken dat we het de inbre­kers wel erg gemak­ke­lijk heb­ben gemaakt.

De brief sluit af met een opti­mis­tisch

Alvast bedankt!.

maar ik ga maan­dag toch voor de zeker­heid de gemeen­te Lin­ge­waard bel­len om te vra­gen wat nu pre­cies de bedoe­ling is. Niet met betrek­king tot het uit­roep­te­ken gevolgd door een punt, maar wat betreft de hulp die ze van ons ver­wach­ten en hun aan­spra­ke­lijk­heid.

~ ~ ~


  1. Hoe­wel, ooit Hou­se of Lea­ves gele­zen? 

  2. En ik ben benieuwd hoe­veel lezers er nu als­nog naar noot 1 gaan. 

  3. Arti­kel 8 Wet basis­re­gi­stra­ties adres­sen en gebou­wen:

    1.
    De door bur­ge­mees­ter en wet­hou­ders aan­ge­we­zen amb­te­na­ren die zijn belast met de vast­stel­ling van de geo­me­trie, bedoeld in arti­kel 7, zijn bevoegd, met mede­ne­ming van de beno­dig­de appa­ra­tuur en ande­re hulp­mid­de­len, elke plaats te betre­den, onver­min­derd arti­kel 2 van de Alge­me­ne wet op het bin­nen­tre­den, en daar waar­ne­min­gen of metin­gen te ver­rich­ten, voor zover dat rede­lij­ker­wijs nodig is voor de ver­vul­ling van hun taak.
    2.
    De eige­naar, de beperkt gerech­tig­de en de gebrui­ker van een pand of een ver­blijfs­ob­ject zijn ver­plicht aan de amb­te­na­ren, bedoeld in het eer­ste lid, bin­nen de door dezen gestel­de rede­lij­ke ter­mijn alle mede­wer­king te ver­le­nen die dezen rede­lij­ker­wijs kun­nen vor­de­ren bij de uit­oe­fe­ning van de bevoegd­he­den, genoemd in het eer­ste lid, met dien ver­stan­de dat toe­gang slechts wordt ver­leend tus­sen acht uur ’s mor­gens en zes uur ’s avonds en dat die niet behoeft te wor­den ver­leend op zater­da­gen, zon­da­gen en alge­meen erken­de feest­da­gen.
    3.
    Indien de toe­gang wordt gewei­gerd, ver­schaf­fen de amb­te­na­ren, bedoeld in het eer­ste lid, zich zo nodig toe­gang met behulp van de ster­ke arm. Indien het ver­rich­ten van de han­de­lin­gen, bedoeld in het eer­ste lid, niet wordt toe­ge­staan zijn de amb­te­na­ren, bedoeld in het eer­ste lid, bevoegd het ver­rich­ten van die han­de­lin­gen zo nodig met behulp van de ster­ke arm moge­lijk te maken.
    4.
    De scha­de die uit de toe­pas­sing van het eer­ste lid voort­vloeit, wordt door bur­ge­mees­ter en wet­hou­ders op ver­zoek ver­goed. De vor­de­ring tot scha­de­ver­goe­ding staat ter ken­nis­ne­ming van de kan­ton­rech­ter bij de recht­bank van het arron­dis­se­ment waar­in de gemeen­te is gele­gen. Tegen de uit­spraak staat geen rechts­mid­del open. 

Geef een reactie